Innovatie en ontwikkeling in de bouwkolom


Innovatie en ontwikkeling in de bouwkolom

De bouwkolom een traditionele bedrijfstak? Voor sommigen gaan de ontwikkelingen te traag, voor velen te snel. Deze weblog geeft onze visie op thema's op het snijvlak van ondernemerschap, innovatie en ontwikkeling en de wensen van klanten en samenleving. Het gaat om marktpositionering, vernieuwend inkopen en aanbesteden, Lean bouwen en installeren, BIM, duurzaamheid en sociale innovatie.

Posts tonen met het label duurzaam. Alle posts tonen
Posts tonen met het label duurzaam. Alle posts tonen

13 november 2011

Duurzaamheid is in hart en in het hoofd

Zo opende Wouke van Scherrenburg het congres “Nieuwe energie in de bestaande bouw”. De dag van de duurzaamheid bracht tienduizenden professionals op de been om visies te delen en nieuwe initiatieven aan te kondigen, zoals het energiefonds en de MKB-regeling van de provincie Overijssel.
Wat blijft zijn de argumenten. Ze variëren in de tijd, maar blijven in essentie gelijk. We moeten zuinig zijn met schaarse grondstoffen omdat we onze kinderen niet uit kunnen leggen dat we ze er in korte tijd hebben doorgejaagd. Verbranden van fossiele brandstoffen leidt tot uitstoot van broeikasgassen en onhoudbare gevolgen voor het klimaat. Voor olie is Nederland afhankelijk van het buitenland. Dat maakt onze economie kwetsbaar voor de internationale politieke context. En tot slot, investeringen in duurzaamheid, energiebesparing en duurzame energie leveren een forse bijdrage aan de economische bedrijvigheid en werkgelegenheid.
Het huidige debat over duurzaamheid verschilt opmerkelijk ten opzichte van jaren terug. Het begon eind jaren zestig met open sandalen, geitenwollen sokken en lange haren. Daar vinden we nu helemaal niets meer van terug.
Ten tweede, duurzaamheid werd jarenlang gedomineerd door idealisme. Gelukkig is dat niet geheel weg, maar zakelijke overwegingen geven momenteel de doorslag. De economie ligt op zijn gat, behalve als het gaat om duurzaamheid. Er is geen woningcorporatie die niet broedt op verduurzaming van haar woningbestand.
Een derde onderscheid zit in de verwachtingen ten aanzien van Den Haag. Als het van Den Haag moet afhangen, dan komt er niks van terecht, zo is de dominerende opinie. Den Haag moet de institutionele belemmeringen opruimen. Dan doet de markt de rest. Is daar een zetje bij nodig, dan niet meer met subsidies, maar leningen die op termijn worden terugbetaald uit de opbrengsten.
Tot slot het business model. Wat jaren terug ondenkbaar was, begint nu dagelijkse praktijk te worden. Bouwers, installateurs, financiers en opdrachtgevers werken horizontaal en verticaal samen voor een duurzaam resultaat. Alleen in samenwerking zijn vergaande ambities haalbaar. Om met Laurens de Lange van Unica te spreken `Ondernemer die niet kunnen samenwerken, hebben in de toekomst een probleem`.

Drs.ing. Jan Straatman
directeur en partner Balance & Result Organisatie Adviseurs

16 februari 2011

Duurzame verwarring


Duurzaam inkopen is failliet volgens VVD-kamerlid Leegte. Het leidt tot extra administratieve lasten, terwijl de milieuwinst twijfelachtig zou zijn. Nauwelijks ingevoerd, maar ‘afschaffen!’ is zijn credo. Maar is dat wel verstandig?

De gedachte achter duurzaam inkopen is dat de overheid de duurzame economie kan aanjagen door haar inkoopkracht te gebruiken als ‘launching customer’. Het enorme inkoopvolume (50 miljard per jaar) stelt de overheid in staat om vraag te creëren naar duurzame producten en diensten. Leveranciers kunnen zich dan onderscheiden door innovatief op die vraag in te spelen. Als ze dat slim aanpakken, dan kunnen ze die innovaties ook aan andere klanten leveren, zodat er in de markt een sneeuwbaleffect ontstaat. Leveranciers die niet aan deze klantvraag willen of kunnen voldoen, zullen uit moeten wijken naar andere afzetmarkten.Initieel ontstaan er fricties als duidelijk wordt dat de klant zijn toekomstige leveranciers daadwerkelijk anders beoordeelt. Er zijn immers niet alleen winnaars, maar ook verliezers. Iedereen die wel eens met veranderingsprocessen te maken heeft gehad, weet dat slappe knieën het einde van de vernieuwing zijn. De verliezers –in innovatietermen de achterblijvers, of ´laggards´– zullen betogen dat de eisen te hoog zijn, dat de toegevoegde waarde onvoldoende is of dat de beoordelingscriteria niet deugen. Een pleidooi voor het opschorten of afschaffen van de ingezette lijn –en als dat niet lukt– diepgravend, tijdrovend onderzoek voor honderd percent consensus, zijn in polderend Nederland bekende vertragingstactieken.

Het is evident dat de overheid een grote verantwoordelijkheid heeft als zij haar inkoopkracht inzet om de markt te beïnvloeden. Natuurlijk moeten de eisen daadwerkelijk (duurzame) waarde toevoegen. Zij moet leveranciers ´fair´ beoordelen, zonder overdadige bureaucratie. Tegelijkertijd mag de markt van de overheid consistent beleid verwachten, ook op de lange termijn. Duurzaam inkopen is jaren terug aangekondigd. Innovatieve ondernemers hebben geïnvesteerd in het verduurzamen van hun producten en diensten, wat ze nu willen verzilveren. De betrouwbaarheid van overheid en politiek zou een fikse deuk oplopen als het juist ingezette beleid om zeep zou worden geholpen. Het zou constructiever en toekomstgerichter zijn als overheid en bedrijfsleven nu zouden investeren in het doorontwikkelen en verbeteren van de ingezette lijn. Onze kinderen verdienen het.

1 januari 2009

Maatschappelijk ondernemen

In de donkere maanden bezinnen we ons op de vraag wie we zijn en wat we doen. Tweeduizendacht heeft veel denkbeelden op zijn kop gezet. Wie had kunnen vermoeden dat het welvarende en als deugdelijk bekend staande bankwezen zo aan het wankelen zou worden gebracht. Wie had kunnen bedenken dat het tempo van de woningbouwproductie niet zou stijgen, maar zou halveren. Welke personeelswerker kon vermoeden dat hij eind van het jaar niet wakker zou worden met de vraag hoe hij aan voldoende gekwalificeerd personeel zou kunnen komen, maar hoe hij ontslagrondes zou kunnen beperken.

Wat 2008 duidelijk heeft gemaakt is dat er in diverse bedrijfstakken ongezonde fenomenen zijn ontstaan die niet houdbaar zijn. De recente geschiedenis leert dat het meer dan ooit gewenst is dat we houdbaar, duurzaam ondernemerschap tot stand brengen. Maar wat is dat dan?
Ondernemerschap is duurzaam als mensen met plezier en veilig hun werk kunnen doen, als ze zich kunnen ontplooien. Het bedrijf zorgt er voor dat de omgeving geen overlast heeft van de bedrijfsactiviteiten. Natuur en milieu worden niet te veel belast. En tot slot stelt een gezonde winst het bedrijf in staat om voortdurend in te spelen op de wensen van klanten en om te innoveren. Deze drie-eenheid –People, Planet en Profit­– is een handzaam concept om de balans te vinden.

In de bouwsector zien we dat grote bedrijven hun verantwoordelijkheid nemen. Zo heeft BAM zich verplicht om de tien meest duurzame kantoorgebouwen neer te zetten. Unica wil de duurzaamste installateur zijn en Flevoland de meest duurzame provincie. Bij de grote organisaties is goed zichtbaar dat zij hun maatschappelijke rol pakken. Maar ook het MKB blaast haar partij mee. Een bedrijf als Tersteege Bouw investeert bijvoorbeeld in het beste leerbedrijf voor jonge mensen. De sector zou zichzelf een dienst bewijzen als deze goede voorbeelden van maatschappelijk ondernemerschap navolging krijgen van zowel het grootbedrijf als van het MKB. Het zou tonen dat de bedrijven niet alleen “plat” veel geld willen verdienen, maar deel uitmaken van de samenleving.


drs.ing Jan Straatman, directeur Balance & Result Organisatie Adviseurs voor de bouw

1 november 2008

Geen duurzaamheid zonder markt

Gemeenten en provincies wedijveren om als meest duurzaam te boek te staan. De convenanten vliegen je om de oren. Duurzame ontwikkeling en energiebesparing zijn “booming” als gevolg van de ongemakkelijke, maar inspirerende waarheid van Al Gore.
Het leidt geen twijfel dat het bitter noodzakelijk is om minder kwistig met onze grondstoffen om te gaan. De cruciale vraag of duurzame ontwikkeling door zal stoten ligt bij de markt; waarderen klanten dit en zijn zij bereid om de prijs te betalen. Ideologie is voor innovatoren misschien een drijfveer, maar om op te schalen is het noodzakelijk dat ondernemers business opportunities (h)erkennen.
BouwLokalen heeft de sector net bijgepraat over klimaatneutraal bouwen. De belangstelling was overweldigend! Op de vraag welke klimaatdoelstellingen de ondernemers zichzelf hadden gesteld volgden onbegrijpende blikken; geen! Waarom is de opkomst dan zo massaal? Het antwoord laat zich raden. Het is de ondernemers opgevallen dat de wethouder wil scoren met duurzaamheid en daar ligt markt.

Een doorbraak is echter geenszins vanzelfsprekend. Dat blijkt uit het onderzoek “Draaien aan knoppen” van Nyenrode Business Universiteit. De meeste ondernemers gaan pas overstag als nieuwe business opportunities voor hen inzichtelijk zijn én aanlokkelijker dan de bestaande. Daar wringt de schoen. In de BouwLokalen vroegen ondernemers zich af of hun klanten enthousiast zouden worden van zoveel ambitie. De calculerende ondernemer wil weten of het rendeert om veel moeite te doen om zijn klant een duurzame aanbieding te verkopen. Op dit moment zal hij (helaas) vaak negatief concluderen.

Dat er wel degelijk kansen liggen blijkt uit het geslaagde voorbeeld van PCS-hybride. Dit is een energiezuinig woningconcept van Dura Vermeer, Giesbers en Van der Graaf en Itho. Zij hebben de woning niet alleen technisch vernuftig geoptimaliseerd, maar zij werken ook duurzaam samen, hebben goed doordacht hoe zij dit concept kunnen vermarkten en bieden een financieringsarrangement aan om de drempel voor de klant te slechten.
Om het spel van vraag en aanbod in het voordeel van duurzaamheid te beslissen moeten co-makers in de bouw meer van dit soort slimme oplossingen in de markt zetten. Om doorbraken in de volle breedte van de markt te bereiken is daarnaast een stevige rol van de overheid op het gebied van marktcreatie onontbeerlijk.


drs.ing Jan Straatman, directeur Balance & Result Organisatie Adviseurs voor de bouw

15 september 2008

En nu doorpakken! Over integriteit en gedrag.

Het verschijnen van het boek “En nu doorpakken! Gedragsverandering in de Nederlandse bouwsector” is goed getimed. De bouw heeft de afgelopen jaren als gevolg van de bouwaffaire namelijk veranderingen doorgemaakt op het gebied van integer handelen, maar van een cultuuromslag is geen sprake. Dat blijkt uit het onderzoek van TNS Nipo. De sector juicht de veranderingen toe, maar heeft weinig begrip voor de regelzucht die daarmee gepaard gaat. Bovendien hebben de meeste ondernemers –met name in het MKB– maar beperkt concrete veranderingen doorgevoerd in het eigen bedrijf. Al met al is het herstel van vertrouwen nog broos.

De manier waarop mensen zich gedragen vindt zijn oorzaak in gegroeide gewoonten, krachten in de omgeving en in persoonlijke opvattingen. Om gedrag te veranderen moeten deze oorzaken worden aangepakt; een moeizaam proces. Dit boek geeft receptuur om fundamentele veranderingen tot stand te brengen op het gebied van integriteit, corporate governance en maatschappelijk ondernemen. Integriteit is op te vatten als “professioneel verantwoordelijk werken”; de goede dingen goed doen, beroepstrots. Bij corporate governance gaat het om behoorlijk ondernemingsbestuur en maatschappelijk verantwoord ondernemen heeft te maken met de wensen vanuit de samenleving ten aanzien van de activiteiten van bedrijven.


De kern van de receptuur voor gedragsverandering bestaat uit twee complementaire strategieën: stimuleren waar mogelijk, naleven waar nodig, ofwel de bekende wortel en de stok. De stimuleringsstrategie doet een beroep op beroepstrots en eigen verantwoordelijkheidsgevoel: stel uitgangspunten en kernwaarden vast, communiceer deze, stel betrokkenen in staat om een zorgvuldige afweging te maken en waarborg openheid en het afleggen van verantwoordelijkheid. Bij de nalevingsstrategie wordt het naleven van regels afgedwongen: stel eenduidige gedragsregels vast, organiseer toezicht om na te gaan of betrokken zich houden aan deze regels en verbind consequenties aan gedrag (sancties en beloningen). Het boek geeft een groot aantal instrumenten om deze twee strategieën in praktijk te brengen.

“En nu doorpakken!” geeft een tamelijk compleet beeld van de manier waarop gedragsverandering duurzaam tot stand kan worden gebracht. Het is een lezenswaardig naslagwerk voor een overwegend technisch opgeleide sector. Het is wel even doorbijten; in een streven om compleet te zijn en verbanden te leggen, bewandelen de auteurs veel zijpaden. Dat zal met name de mensen in het MKB afschrikken. Dat is jammer, want volgens TNS Nipo moet daar nog het meeste gebeuren.


drs.ing Jan Straatman, directeur Balance & Result Organisatie Adviseurs voor de bouw